Onderzoek naar de participatie in medezeggenschapsraden van de Universiteit Twente

Bronzwaer, A.G.T. and Gorp, E.A.A. van (2011) Onderzoek naar de participatie in medezeggenschapsraden van de Universiteit Twente.

[img]
Preview
PDF
Download (452kB) | Preview
Abstract: De wens van de Universiteitsraad (URaad) van de Universiteit Twente (UT) om de huidige participatie aan de medezeggenschap op de UT te onderzoeken werd voorgelegd aan de Wetenschapswinkel van de UT. Na een korte sollicitatieprocedure is de opdracht definitief gemaakt en met de uitvoering begonnen. Allereerst is er een plan van aanpak geschreven om onduidelijkheden te voorkomen en om een heldere structuur in het project te brengen. De participatie is onderzocht door middel van een kwantitatief onderzoek met interviews onder medewerkers en studenten die deel hebben genomen of deelnemen aan een raad. Dit zal een beeld schetsen van redenen waarom iemand besluit tot deelname en welke verbeteringen mogelijk zijn in de huidige medezeggenschapsraden, waaruit aanbevelingen om de participatie te stimuleren zullen volgen. De eerste stap in het project was het bekend raken met medezeggenschap op de UT. Op dit moment bestaat de medezeggenschap op de UT uit een centrale medezeggenschapsraad, de URaad, die medezeggenschap heeft bij het College van Bestuur. Daarnaast bestaat er per instituut, faculteit en dienst een medezeggenschapsraad, want medezeggenschap volgt zeggenschap. De URaad en de faculteitsraden bestaan uit een studenten- en medewerkersgeleding, waar de instituutsraden en dienstraden enkel bestaan uit medewerkers. De huidige bezetting van de medezeggenschapsraden is onvoldoende, aangezien sommige raden zijn opgeheven door een tekort aan kandidaten. De precieze cijfers van de bezetting zijn moeilijk te achterhalen, want verschillende bronnen geven verschillende informatie. Echter blijft de conclusie wat betreft de matige participatie overeind. De wetten en reglementen geven de verschillende raden rechten en plichten. Een belangrijke onderzoeksvraag is of de raadsleden bekend zijn met hun rechten en plichten en of ze daar gebruik van (kunnen) maken. Na deze eerste fase is er een interview opgezet, welke de basis gevormd heeft van het kwantitatieve onderzoek. Dit interview heeft als doel om te ontdekken wat redenen zijn tot participatie en wat voor ervaringen (oud)leden hebben met deelname aan een raad. Er zijn vervolgens interviews afgenomen bij leden, oudleden en voortijdig afgetreden leden. Uit de resultaten van deze interviews konden verschillende conclusies getrokken worden en aanbevelingen gedaan worden voor verbetering. Een belangrijke conclusie is dat er vrij veel onduidelijkheid is over de taken en verantwoordelijkheden van de verschillende raden, zowel voor raadsleden als voor buitenstaanders. Het is dan ook een aanbeveling om meer openheid en duidelijkheid te creëeren. Daarnaast is de communicatie tussen de verschillende raden voor verbetering vatbaar en is er vaak onvoldoende contact met de achterban. De huidige organisatie van de insituten en de instituutsraden is een veelbesproken onderwerp in de interviews. Er lijkt weinig betrokkenheid te zijn onder medewerkers bij het instituut en de instituutsraden. Ook is voor velen de structuur en inhoud van de instituten niet helder. Redenen voor toetreding tot een raad zijn vaak persoonlijke motivaties, na bekend te zijn geworden met het bestaan van de raden. Velen zijn niet gevraagd, maar hebben zichzelf aangemeld. Een financiele vergoeding wordt meestal gezien als een prettige erkenning, maar zeker niet als reden tot deelname Tenslotte is de invloed die raden hebben op en het contact met hun bestuurder(s) wisselend. Het belang van de medezeggenschapsraden is bij (oud)leden bekend, maar hun invloed is niet altijd even merkbaar.
Domein: Markt en communicatie
Datum: 25 Januari 2011
Klant:
College van Bestuur (CvB) en de Universiteitsraad (URaad) van de Universiteit Twente,
Projectnummer: 1922
Copyright: Wetenschapswinkel, Universiteit Twente

Repository Staff Only:item control page